Hee, ik ben Victor Bäcker en ik zit in t1c. Ik ga jullie alles vertellen over de brugklas, de eerste schooldag, leraren, over huiswerk en nog veel meer.

Eerste schooldag
Bijna elke eersteklasser is wel de eerste 2 dagen zenuwachtig. Soms duurt het wel een week. Maar je hoeft helemaal niet zenuwachtig te zijn. De eerste dag is een intro. Dat betekent dat de mentor en leraren en leraressen de regels gaan uitleggen hoe het op de nieuwe school werkt. Eerst is het zoeken naar het lokaal, want alle vakken die je krijgt, krijg je in een ander lokaal.
Iedere klas heeft zijn eigen mentor. Een mentor is een leraar die jouw klas helpt als er problemen zijn met huiswerk, of als je ruzie hebt met een klasgenoot en je er samen niet uit kunt komen.
Roosters
Op de roosters kun je zien wat je die dag voor les hebt. Via een website kun je zien hoe het rooster er uitziet, welke les er eventueel uit valt, of dat je het eerste uur of het laatste uur vrij hebt. De roosters worden elke zaterdag veranderd.
Leraren
Op RSG Lingecollege heb je voor elk vak een andere leraar of lerares. En iedere leraar heeft zijn of haar eigen regels. De leraar of lerares noem je meneer of mevrouw met de achternaam erbij. Juf of meester mag je niet meer zeggen.
Boeken en schriften
Je hebt verschillende vakken per dag. Je neemt alleen de boeken mee waarvoor je die dag les hebt, want je hebt er maar een paar per dag nodig. Naast je boeken heb je ook werkboeken waar je de vragen in maakt. Het is handig om bij de werkboeken ook schriften te hebben. In de schriften kun je aantekeningen maken die niet in de boeken staan, maar die in de les door de docent verteld worden. Het is handig om schriften met lijntjes, ruitjes en een muziekschrift te hebben.
Extra spullen
Je hebt kleurpotloden, een liniaal, een hb potlood, een schaar, lijm, een passer, een rekenmachine, (nog niet kopen, je krijgt te horen wat voor een rekenmachine) en nog veel meer. Maar dat krijg je allemaal te horen als je bij ons op school komt.
Je kluisje
De eerste dag krijg je een kluispasje in een envelop. En op de envelop staat een nummer en een kleur, je kluisje staat bij de kleur die op de envelop staat. Alle jaren die je op het Lingecollege zit houd je een eigen kluisje. Het kluisje is ervoor om je boeken, gymspullen en je jas in te doen. Zo loop je niet de hele dag met je volle boekentas te sjouwen. 
Alles past in het kluisje
Pauze
Je hebt twee pauzes, een korte en een lange pauze. In de pauze kan je eten en naar de kluisjes gaan om je boeken te halen die je nog nodig hebt en de boeken van de lessen die je al hebt gehad in terug te leggen.
Stempelkaart
Je krijgt de eerste dag al een stempelkaart. Als je te laat bent zonder excuus krijg je een rode stempel, met excuus een groene stempel. Als je je boeken te vaak vergeet, of je je te vaak vergeet je huiswerk te maken krijg je ook een stempel. Als je 4 rode stempels hebt moet je nablijven.
Huiswerk
Het huiswerk moet je wel maken anders moet je na blijven of een stempel halen. Iedere dag heb je wel huiswerk en het is verstandig om je huiswerk steeds te maken. Als ik uit school kom, ga eerst wat drinken en een half uurtje relaxen. Dan ga ik naar mijn kamer en ga daar mijn huiswerk maken. Vaak kun je in de les al beginnen met het maken van je huiswerk. Wat ook fijn is om al vast huiswerk vooruit te maken, omdat je bijna iedere dag wel huiswerk op krijgt.
Een schooldag
Donderdag
‘s Ochtends sta ik op om 7 uur. Dan kleed ik mij aan en ga ontbijten daarna ga ik weer naar boven om mijn haar in model te brengen en tanden te poetsen. Daarna fiets ik naar school met Dario en Luca. Nadat ik mijn fiets in de fietsenstalling heb gezet (de brugklassers hebben een eigen ruimte in de fietsenstalling), leg ik mijn jas en boeken die ik pas later op de dag nodig heb in mijn kluisje. Het eerste uur heb ik Biologie van mevrouw Nabuurs. Het tweede uur heb ik mentoruur van mevrouw Dalmeijer, in deze les leren we hoe we moeten plannen voor het huiswerk. Dan heb ik een korte pauze, ik drink en eet dan wat en haal de boeken uit mijn kluisje die ik voor de twee volgende uren nodig heb. Het derde uur heb ik Muziek van de heer Bogerd. Als je muziekinstrument speelt of gespeeld hebt zoals gitaar of drums mag je tijdens de les op de drums of gitaar spelen. 
Muziek, heerlijk, een van de leukste vakken.
Het vierde uur heb ik Engels van mevrouw Tijssen. Daarna heb ik de grote pauze. Het vijfde uur heb ik Aardrijkskunde van mevrouw Dalmeijer (mijn mentrix). Het zesde uur Nederlands van mevrouw Tegel. Dan ben ik uit en ga naar huis. Daarna ga ik even relaxen en dan ga ik aan mijn huiswerk. Als ik klaar ben met mijn huiswerk ga ik nog even WII-en en dan om 10 uur naar bed.